Grappige Duitse woorden

De eerste keer dat ik het woord schmutzig hoorde, was in een badhuis in de Hongaarse hoofdstad Budapest. Ik kon nog geen Duits en één van de werkneemsters gebood me mijn handen te wassen. Want, zo zei ze met een afkeurende blik, die zijn schmutzig. Ik wist, zonder het woord te kennen, wat ze bedoelde, maar was er tegelijkertijd van overtuigd dat ze het daar ter plekke verzon.

Voor ons lijkt Duits soms een grappige fantasietaal, maar meestal hebben we er andere associaties bij (oorlog, jaren-zeventig-pornografie, bad guys in films). Voor Duitsers klinkt Nederlands echter altijd als een grappig, vrolijk fantasietaaltje. Een beetje zoals voor ons Zweeds, staat Nederlands in Duitsland voor alles wat goed is: voor lange blonde vrouwen (Linda de Mol, Frau Antje), voor vrolijk snaterende eendjes (Alfred Jodocus Kwak), aantrekkelijk voetbal, humor (Rudi Carell) en vrijheid en democratie (softdrugsbeleid, politici op de fiets naar eeuwenoude bakstenen torentjes).

Mijn favoriete partytrick aan de lunchtafel of in de biergarten is dan ook het uitspreken van Nederlandse woorden. Hilariteit gegarandeerd. Mijn repertoire bestaat uit:

  • verwoesting
  • alle combinaties met lekker: lekker weekend, lekker zonnetje, lekker weertje
  • papegaai
  • frietjes
  • klootzak & coach
  • kijkdoos (als in: wil je mijn kijkdoos even zien)
  • warmtepomp
  • kleine en grote boodschap
  • rokjesdag
  • en de klassieker: lekkere worst.

Grappige Duitse woorden zijn:

  • Stinkefinger (voor je middelvinger opsteken)
  • fick dich ins Knie (een beetje grof, maar dat met de knie relativeert het)
  • Doppelhaushälfte (de ene helft van een twee-onder-een-kap-woning)
  • Kumpel (vriend, maat)
  • alter Schwede (betekent eveneens vriend, maat)
  • Schnitzeljagd (speurtocht)
  • Zweisamkeit (samen met z’n tweeën zijn, tegenover Einsamkeit)
  • aus dem Gesicht geschnitten (op iemand lijken)
  • Spätzle (een langwerpig soort Gnocci)